
55 woorden. Dat is alles wat je krijgt.
Kun je een verhaal vertellen? Met een begin, midden, en einde? Met een personage, een conflict, een emotie?
Ja. Dat kun je. En flash fiction laat je zien hoe.
Wat is flash fiction?
Flash fiction is extreem korte fictie. Er is geen officiële definitie, maar meestal:
- Flash fiction: tot 1000 woorden
- Sudden fiction: 250-1000 woorden
- Micro fiction: tot 300 woorden
- Drabble: precies 100 woorden
- 55-word fiction: precies 55 woorden
Hoe korter, hoe moeilijker. Elk woord moet werken.
Waarom flash fiction schrijven?
1. Het leert je snijden
Als je maar 100 woorden hebt, leer je snel wat essentieel is en wat niet. Die vaardigheid helpt ook bij langere verhalen.
2. Het dwingt keuzes
Je kunt niet alles vertellen. Je moet kiezen: welk moment? Welk perspectief? Welk detail? Die focus is kracht.
3. Het is af te maken
In een uur kun je een flash fiction schrijven, reviseren, en klaar zijn. Dat gevoel van "af" is verslavend.
4. Het experimenteert makkelijk
Wil je een nieuwe stem proberen? Een raar perspectief? Bij 100 woorden kost mislukking weinig.
Technieken voor flash fiction
Begin laat
Je hebt geen ruimte voor opbouw. Begin op het moment dat het ertoe doet.
Te vroeg: "Marie stond op, kleedde zich aan, en liep naar de keuken waar ze..." Goed: "Het mes lag op tafel. Marie keek ernaar."
Eind vroeg
Je hoeft niet alles op te lossen. Eindig op het moment van maximale impact - vaak vóór de ontknoping.
Eén moment
Kies één scène, één emotie, één conflict. Niet drie.
Suggereer de wereld
Je kunt geen worldbuilding doen in 100 woorden. Maar je kunt één detail geven dat een hele wereld suggereert.
"Ze had zijn naam in de marge van haar Bijbel geschreven."
Eén zin. Maar nu weet je: religie, verboden liefde, een geheim.
Twist of punch
Veel flash fiction werkt met een slottwist of een emotionele punch op het einde. Maar pas op voor gimmicks.
Een voorbeeld
Precies 55 woorden:
Het telefoontje
"Mama is dood," zei mijn zus.
Ik keek naar mijn koffie. Naar de krant. Naar de hond die naar me keek alsof hij het begreep.
"Wanneer?"
"Gisteren."
Ik hing op. De koffie was koud. De krant was oud. De hond liep weg.
Ik had haar tien jaar niet gesproken.
Begin, midden, einde. Conflict. Emotie. Twist.
Veelgemaakte fouten
❌ Te veel personages Eén of twee, maximaal.
❌ Te veel plot Je hebt geen ruimte voor plot. Je hebt ruimte voor een moment.
❌ Alles uitleggen Vertrouw de lezer. Ze vullen in wat je weglaat.
❌ Te veel adjectieven Elk woord telt. "Mooi" en "groot" kosten woorden die je beter kunt besteden.
❌ Geen einde Kort betekent niet: zomaar stoppen. Er moet een landing zijn.
Flash fiction publiceren
- VertelVuur: De wekelijkse uitdagingen zijn vaak flash-lengte
- Literaire tijdschriften: Veel accepteren flash fiction
- Wedstrijden: Er zijn specifieke flash fiction contests
Samengevat
✅ Elk woord moet werken ✅ Begin laat, eindig vroeg ✅ Eén moment, één emotie ✅ Suggereer meer dan je toont ✅ Vertrouw de lezer
Flash fiction is als espresso: klein, sterk, en het houdt je wakker. 🔥