
OkΓ©, stel je voor: je zit aan een diner met een charmante man. Hij vertelt over zijn gezin. Kalme stem, redelijke argumenten. En langzaam begin je te knikken. Ja, denk je, ik snap waarom hij deed wat hij deed.
En dan β ergens halverwege het dessert β realiseer je je dat je net hebt zitten instemmen met iets verschrikkelijks.
Welkom bij Herman Koch. En welkom bij mijn favoriete schrijftechniek.
De val
Koch doet iets slims in Het Diner. Zijn verteller Paul klinkt redelijk. Scherp zelfs. Sarcastisch, grappig. Je herkent je in zijn irritatie over pretentieuze restaurants. Over politieke schijnheiligheid. Je vindt hem aardig.
En dΓ‘t is de val.
Want Koch weet: als je eenmaal sympathie voelt voor een verteller, geloof je zijn versie. Je neemt zijn blik over. En voor je het weet zit jij β de beschaafde lezer op de bank β geweld goed te praten.
Het moment dat je dat doorhebt, kijk je naar jezelf. Ongemakkelijk. En briljant.
Hoe doet hij het?
Drie dingen vallen me op:
1. Informatievolgorde Koch laat zijn vertellers eerst context geven. Rechtvaardiging. Nobele motieven. En pas véél later de daad zelf. Tegen die tijd heb je al partij gekozen.
Het is alsof iemand je eerst een uur vertelt hoe rot zijn baas is, en dan pas zegt dat hij de auto van die baas in de fik heeft gestoken. Je reactie is anders dan wanneer hij met de brand was begonnen.
2. Likeability Kochs vertellers maken grappen die je Γ©cht aan het lachen maken. Ze zeggen dingen die je stiekem zelf ook denkt. Dat ontwapent. En die sympathie? Die is het smeermiddel waardoor de leugens glijden.
3. Geleidelijke twijfel De onbetrouwbaarheid komt niet als plottwist. Het sluipt. Een detail dat niet klopt. Een reactie die nΓ©t te heftig is. Je begint te twijfelen, maar je kunt het niet bewijzen.
Die twijfel is veel spannender dan een dramatische onthulling.
Wat kun jij hiervan leren?
1. Maak je verteller eerst aantrekkelijk Geef 'm humor, een scherpe blik, of een kwetsbaarheid. De lezer moet willen dat deze persoon gelijk heeft. Pas dan werkt het als blijkt dat hij dat niet heeft.
2. Speel met volgorde Neem dezelfde gebeurtenis en vertel hem twee keer. Versie A begint met de goede bedoelingen. Versie B begint met het resultaat. Voel je hoe anders het voelt?
3. Laat het sluipen Geen grote onthulling nodig. Kleine scheurtjes in het verhaal zijn spannender. Laat de lezer zelf gaan twijfelen.
4. Dwing de lezer in de spiegel Het ultieme doel is niet de verrassing β het is de confrontatie. De lezer moet zich realiseren dat hij medeplichtig was.
De gevaarlijkste leugens zijn de kleine, charmante, herkenbare halve waarheden β verteld door iemand die we aardig vinden. Als schrijver is dat je superkracht.
Meer over Herman Koch:
π Website: hermankoch.nl
π Uitgeverij: Ambo|Anthos
test